Gebeten door honden: 18 ontdekkingen

Hopla! De sociale media staat bol van het voormalige model dat recent in het gezicht werd gebeten door een hond. Voordat de reputatie van de Husky hetzelfde ravijn wordt ingeduwd als die van de pitbull, blader ik tussen mijn data over agressie bij honden. Ik kom terecht bij een recent gepubliceerd artikel (2017) door J.A. Oxley, beschikbaar via de Journal of Veterinary Behavior. Hoewel het hele artikel interessant is, schuif ik de meest treffende ontdekkingen naar voor. Dit onderzoek vond plaats in het Verenigd Koninkrijk op basis van een vragenlijst die ingevuld werd door 484 slachtoffers. Details over de werkwijze vindt je via deze link: Context and consequences of dog bite incidents

  1. Incidenten waarbij mensen gebeten worden door honden, komen alsmaar vaker voor, ondanks acties rond bijtpreventie.
  2. Twee derde van de honden die een mens beten, hadden een (gehoorzaamheids)training achter de rug.
  3. De meeste honden die een mens beten, kenden het slachtoffer.
  4. De meeste bijtincidenten vonden plaats tijdens fysieke interactie tussen mens en hond, zoals aaien, spelen, vasthouden, behandelen…
  5. De meeste verwondingen vereisten geen medische behandeling.
  6. De meeste honden die een mens beten, werden geen gevolg door hun omgeving toegekend. Ook werden er amper stappen ondernomen om incidenten in de toekomst te voorkomen. De meeste mensen gaven immers zichzelf of de eigenaar van de hond de schuld, i.p.v. de hond zelf.
  7. De meeste mensen die in het gezicht werden gebeten, getuigden dat ze over de hond leunden wanneer de hond overging tot bijten.
  8. De meeste bijtincidenten vonden plaats binnen de thuisomgeving van de hond.
  9. Kinderen en jongeren (onder 17 jaar) werden vaker gebeten als gevolg van goed bedoelende handelingen (bv. knuffelen), dan slecht bedoelende handelingen (bv. pijn veroorzaken).
  10. Kinderen en jongeren (onder 19 jaar) werden vaker gebeten ter hoogte van het hoofd of de nek dan volwassenen. Wellicht omdat deze zich bij kleine kinderen dichter bij de muil van de hond bevinden dan bij volwassenen.
  11. De meeste honden die een beet veroorzaakten, waren mannelijk. Slechts 36,4% van hen was gecastreerd.
  12. De rassen die het vaakst gemeld werden als degene die de beet toebrachten, waren de Duitse Herder, Border Collie en Jack Russell. Gezien de aard van het onderzoek (vragenlijst), moeten we ons ervan bewust zijn dat vele mensen ook andere honden verkeerd kunnen omschrijven als deze populaire rassen. Neem dit resultaat dus met een korrel zout. Er bestaat geen ondersteunend, wetenschappelijk bewijs dat het ras van een hond een indicator is van agressie.
  13. Meer dan de helft van de honden die beten, vertoonden reeds eerder agressie tegenover honden (42,4%), mensen (19,4%) of mensen en honden (38,2%). Dit vertelt ons dat we agressie tegenover andere honden beter dienen te herkennen en te begeleiden.
  14. Het gedrag van honden vlak voor het bijtincident, werd het vaakst beschreven als actief/ opgewonden. Daarna volgt agressief; ontspannen; bang/ gespannen/ gestresseerd; blij; slapend/ rustend en anders (bv. jaloezie). Ook hier dienen we ons ervan bewust te zijn dat de personen die deelnamen aan de vragenlijst, de communicatiesignalen van de honden verkeerd kunnen hebben geïnterpreteerd.
  15. De vaakst voorkomende plaatsen waar mensen werden gebeten, waren de handen, polsen, onder- en bovenarmen. Dit komt overeen met de notie dat de meeste incidenten gebeuren tijdens directe interactie met de hond. Daarna kwamen in mindere mate het onderlichaam voor, zoals de benen, voeten en enkels, het torso, de rug en als laatste het hoofd en de nek.
  16. Incidenten waarbij de mens de hond benaderde, resulteerden vaker in verwondingen t.h.v. het bovenlichaam.
  17. Incidenten waarbij de hond de mens benaderde, resulteerden vaker in verwondingen t.h.v. het onderlichaam.
  18. Van alle ondervraagde slachtoffers, maakte slechts 1,6% plannen om hun eigen houding tegenover honden in de toekomst aan te passen, of om veranderingen in de omgeving aan te brengen om incidenten in de toekomst te vermijden (bv. fysieke barrières installeren).

Stop. Rewind naar nummer dertien. Ga nu terug naar nummer achttien. Zijn we hier iets op het spoor?

In de praktijk zie ik twee belangrijkste componenten om agressie bij honden te voorkomen én te verminderen:

  • stress-reductie: vele honden die agressief gedrag vertonen, lijden aan (chronische) stress. Door stressfactoren te identificeren en de hond te begeleiden naar een rustigere, emotioneel gezondere toekomst, kunnen we heel wat bijtincidenten voorkomen. Dit houdt tevens in dat we als mens onze houding tegenover de hond onder de loep nemen, en dat we de hondvriendelijkheid van zijn omgeving gaan herevalueren en waar nodig gaan aanpassen.
  • duidelijkere communicatie: vele honden die overgaan tot bijtgedrag, ervaren dat conflictvermijdende signalen niet worden begrepen of worden gestraft (bv. grommen). Door mensen alert te maken op deze signalen en de hond de kans te geven om opnieuw te leren dat subtiele communicatie altijd de betere keuze is, kunnen we vele vervelende incidenten voorkomen.

dog_decoder_4.jpg

(Afbeelding: Dog Decoder)

Tenslotte nog dit: durf op te komen voor de grenzen van je hond. Als je merkt dat je hond zich ongemakkelijk voelt in interactie met jezelf of anderen, durf dan een einde te maken aan de interactie. Jouw hond rekent op jouw steun, net zoals jij op zijn steun rekent, wanneer jij je bedreigt voelt.

Stay safe.

Advertisements

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out /  Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out /  Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out /  Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out /  Change )

Connecting to %s